Archive for juli, 2007

Klimaatneutraal

juli 5, 2007

Live Earth wordt het grootste ‘bewustmakings’ -spektakel ooit, wat op zich niet onzinnig is, aangezien de opwarming van de aarde deze eeuw ingrijpende gevolgen gaat hebben, met name voor arme landen in het zuiden. In de aanloop naar 7-7-7 verschijnen overal oproepen om van alles en nog wat ‘klimaatneutraal’ te gaan doen. Maar is het concept ‘klimaatneutraal’ wel zo tof?

“Klimaatneutraal” is in feite een vrij eenvoudig concept. Door productie en menselijke activiteiten waarbij producten worden gebruikt komt kooldioxide vrij. CO2 is op zich geen schadelijk gas, en het broeikaseffect dat onder meer door CO2 in stand wordt gehouden, is noodzakelijk voor het leven op aarde. Het probleem is dat er teveel CO2 vrijkomt in de atmosfeer, waardoor het broeikaseffect te sterk is. Het ‘klimaatneutraal’ maken van productie- en consumptieprocessen wordt bereikt door het aanplanten en laten groeien van bomen, die CO2 opnemen. Hierdoor wordt de te grote uitstoot van CO2 gecompenseerd.

Hype

“Klimaatneutraal” is absoluut de hype van het moment. De HIER-coalitie, drijvende kracht achter de Nederlandse klimaatactie op 7 juli, stelt dat je door klimaatneutraal te worden “echt kunt bijdragen aan de oplossing”. Van het klimaatprobleem, dus. Klimaatneutraal kamperen, klimaatneutrale glastuinbouw, klimaatneutraal sporten, klimaatneutrale tapijt-tegels. Normaal heeft een klimaatneutrale cd opgenomen, en in Eurodusnie’s Linkse Kerk wordt klimaatneutraal bier getapt. Tegenover de uitstoot van C02 die gepaard gaat met deze producten/activiteiten en de totstandkoming ervan staat dus een hoeveelheid bomen. Zo kan een leasauto-park van een bedrijf, bestaande uit 10 wagens, gecompenseerd worden met 2500 bomen. En een retour Barcelona met het vliegtuig kost 5,3 boom.

“Klimaatneutraal” is zeker geen zinloze hype, maar heeft wel een verraderlijke kant, omdat het de suggestie wekt dat de schadelijke effecten van een bepaald product of een bepaalde activiteit volledig wordt opgeheven en hiermee het ‘probleem’ dus helemaal is opgelost.

Vliegen

Laten we als voorbeeld kijken naar klimaatneutraal vliegen, wat erg hip is. Mensen kunnen tegenwoordig wat meer betalen voor een vliegticket, en krijgen daarmee de garantie dat met dit geld wat bomen worden aangeplant. Maar dit betekent niet dat de milieuproblemen die worden veroorzaakt door vliegverkeer hiermee teniet zijn gedaan.

Een klein deel van de wereldwijde CO2 uitstoot wordt veroorzaakt door het luchtverkeer. Maar kooldioxide is niet het enige wat vrijkomt door de luchtvaart. Vliegtuigen produceren ook fijn stof, wat bij inademing zeer schadelijk is. Daarnaast wordt stikstofdioxide geproduceerd, wat tevens bijdraagt aan de luchtvervuiling. Bovendien hebben fijn stof, stikstofdioxide maar ook waterdamp dat door vliegtuigen op grote hoogten wordt uitgestoten, een direct effect op de ozonlaag en dragen ze bij aan het broeikaseffect. De contrails die worden gevormd – de bekende ‘strepen’ die ontstaan doordat waterdamp bij kerosineverbranding op grote hoogte omgezet wordt in ijskristallen – dragen bij tot het minder bekende effect van ‘global dimming’. Andere schadelijke stoffen, zoals koolwaterstoffen, komen in het milieu terecht en verontreinigen het grondwater.

Vliegverkeer draagt daarnaast op verschillende manieren bij aan een slechtere leefkwaliteit. Vliegvelden produceren stank, en in de wijde omgeving van vliegvelden hebben duizenden mensen last van het lawaai van vliegtuigen. Dit uit zich onder andere in slaapproblemen, stress en concentratie-stoornissen. Daarnaast zijn er effecten die niet meteen milieu-gerelateerd zijn, zoals de kans op ongelukken, en de enorme hoeveelheid ruimte die wordt opgeslokt door vliegvelden.

Allerlei relativeringen kunnen natuurlijk worden losgelaten op de bovenstaande gegevens. Zo produceren auto’s veel meer fijn stof dan vliegtuigen, en wordt er flinke vooruitgang geboekt in het terugbrengen van de uitstoot van schadelijke stoffen bij de verbranding van kerosine. Ook zijn er vliegtuigmotoren ontwikkeld die minder lawaai produceren en verbruiken vliegtuigen relatief gezien weinig brandstof. Tegelijkertijd is er echter sprake van een dramatische toename van het vliegverkeer, wereldwijd – alleen al vanaf Schiphol verdubbelde het vliegverkeer sinds 1990. Hierdoor worden de positieve effecten van technologische innovatie weer grotendeels onderuit gehaald.

Door klimaatneutraal te vliegen, ‘neutraliseer’ je dus maar een deel van de milieuschade die door de luchtvaart wordt veroorzaakt. Een vergelijkbaar verhaal kan worden opgehouden over autorijden. Of over internet: veel mensen veronderstellen dat internet “goed is” voor het milieu, doordat het thuiswerken gemakkelijker maakt en er minder papier nodig is. Hier en daar wordt zelfs klimaatneutraal internet gepropageerd. Maar bij de productie van steeds meer computerapparatuur wordt, naast veel kostbare grondstoffen, zeer veel energie gebruikt, om nog maar te zwijgen van het explosief gestegen energiegebuik door het dag in dag uit aanstaan van miljoenen servers die internetgebruikers faciliteren.

Het eerste probleem van het concept “klimaatneutraal” is dus dat het hooguit een deeloplossing is van het probleem. Maar ook praktisch gezien is het concept ‘klimaatneutraal’ problematisch. Bomen zuigen kooldioxide op, maar als ze afsterven, komt dit weer in de atmosfeer terecht. Aan het einde van hun leven zouden bomen daarom gekapt moeten worden en begraven, zodat het CO2 niet ontsnapt. CO2 opslag is echter duur en omslachtig. En als er vóór die tijd een flinke bosbrand uitbreekt is de moeite voor niks geweest, dan komt alle CO2 weer in de atmosfeer terecht. Daarnaast is het zo dat bomen weliswaar kooldioxide vastleggen, maar tegelijk het broeikasgas methaan produceren.

Een wezenlijker probleem van het concept ‘klimaatneutraal’ is dat het mensen de indruk geeft dat ze er onbezorgd op los kunnen consumeren, nadat het extraatje dat ze betaald hebben voor de ‘neutralisering’ van hun gekochte product of activiteit ze een goed gevoel heeft bezorgd. Meer algemene problemen als overconsumptie, verspilling en het alsmaar stijgende gebruik van grondstoffen worden hierdoor naar de achtergrond gedrongen. Een aantal grondstoffen, waaronder uranium, koper en aardolie zullen nog deze eeuw eenvoudigweg op zijn, of beter gezegd, de winning van de schaarse hoveelheden die er overblijven zal zo kostbaar zijn dat het niet meer rendabel is.

Wat dan?

Veel belangrijker dan allerlei producten en activiteiten klimaatneutraal te maken, is daarom een combinatie drie ‘goede voornemens’.

In de eerste plaats moet de ontwikkeling van energiezuinige technologieën en het gebruik van duurzame energie meer worden gestimuleerd. Als computers de helft van de hoeveelheid energie die nu nodig is zouden gebruiken, zou dat een heel wat effectievere milieuwinst zijn dan het moeizame gedoe van bomenaanplant. Computers verslinden energie en alleen het bedrijf Google heeft wereldwijd 450.000 servers draaien. Als computers toe konden met de helft aan stroom, zou dit een kolossale bezuiniging zijn op het energiegebruik. Nieuwe kerncentrales zouden dan zowieso niet gebouwd hoeven te worden.

In de tweede plaats moet er veel meer aandacht komen voor recycling. De niet-vernieuwbare grondstoffen die op aan het raken zijn, kunnen maar beter zoveel mogelijk hergebruikt worden. Neem als voorbeeld mobiele telefoons: hiervan zijn er wereldwijd al meer dan 3 miljard. Alleen al in de eerste drie maanden van dit jaar werden er 240 miljoen mobieltjes verkocht. Nog slechts een klein deel van deze apparaatjes wordt gerecycled. Dit geldt ook voor de stof tantalium, dat gemaakt wordt van het in Congo (middels slavenarbeid) gewonnen erts coltan. Het recyclen van het grootste deel van de door mensen gebruikte apparaten zou een immense besparing betekenen op de benodigde hoeveelheid ‘nieuwe’ grondstoffen.

In de derde plaats is er een ontwikkeling nodig die minder populair zal zijn: er zal minder geconsumeerd moeten worden. Zo moet er een einde komen aan de absurde stijging van het wereldwijde vliegverkeer, en moeten we af van het ouderwetse idee dat elke burger het recht heeft op 1 of meerdere personenauto’s. Gezien de groei van de wereldbevolking is het alleen gezien de beschikbare hoeveelheid leefruimte onmogelijk om iedereen te laten rondrijden in een autootje van hem of haarzelf, tenzij we van de hele wereld snelweg en parkeergarage willen maken.

Minder consumeren betekent minder produceren, en daar ligt een probleem: ons economische systeem is in feite gebaseerd op de voortdurende stijging van consumptie en productie en de ontwikkeling van steeds nieuwe producten. Economische groei is niet alleen een vanzelfsprekendheid, maar ook een noodzakelijkheid binnen de wijze waarop onze economie werkt. Door de voortdurende onderlinge concurrentie op een vrije markt is marktvergroting, productievergroting en innovatie een voorwaarde voor bedrijven om te overleven. Daarom zijn bedrijven wildenthousiast over klimaatneutrale producten, laat Shell bloemetjes uit haar schoorstenen komen, en wordt Live Earth gesponsord door allerlei grote bedrijven, waaronder Philips, Pepsi en Mercedes. Over minder produceren zul je ze niet zo snel horen. Maar dat is uiteindelijk wel nodig.

bron: Eurodusnie website, juli 2007