Bezwaar tegen nieuwe APV

aan: College van B & W Leiden
Postbus 9100
2300 PC Leiden

Leiden, 10 november 2006.

betreft: bezwaar tegen enkele punten van de nieuwe APV van Leiden

Geacht College,

Op dit moment ligt de Algemene Plaatselijke Verordening in de inspraak die op 1 januari 2007 in werking zal treden. Hierbij dien ik namens het Eurodusnie collectief op een aantal punten een bezwaar in tegen deze nieuwe APV.

Ik zal deze bezwaren per punt aangeven hieronder.

hoofdstuk 2 (openbare orde)

par. 1 art. 2.1.1.1 lid 1:
Naar onze mening is niet afdoende geformuleerd wat een “samenscholing” precies is.
Daarnaast maken wij bezwaar tegen het feit dat een samenscholing an sich – dus ook zonder dat er sprake is van verstoring van de openbare orde- verboden kan worden. Een verbod zou slechts van toepassing mogen zijn op samenscholingen waarbij ook daadwerkelijk sprake is van verstoring van de openbare orde.

par. 2 art 2.1.2.2 lid 1:
Hier staat dat betogingen minimaal 48 uur van tevoren aangemeld moeten worden bij de Burgemeester. Als een betoging niet aangemeld is, kan deze ontbonden worden. Maar volgens de Wet Openbare Manifestaties (WOM) is de Burgemeester bij niet-aangemelde demonstraties verplicht te onderzoeken of de demonstratie toch doorgang kan vinden. Zolang de gezondheid niet in gevaar gebracht wordt, het verkeer niet gehinderd wordt en er geen wanordelijkheden dreigen, moet de Burgemeester zo’n niet aangemelde betoging wettelijk gezien toestaan, zie ook http://www.gebladerte.nl/11214f76.htm. Er zou daarom in de nieuwe APV een toevoeging moet komen over niet aangemelde betogingen. In die toevoeging zou dan moeten komen te staan dat deze niet direct verboden of ontbonden worden, maar dat de Burgemeester eerst moet onderzoeken of de gezondheid in gevaar gebracht wordt, het verkeer gehinderd wordt of er wanordelijkheden dreigen. Wij maken er kortom bezwaar tegen dat geen vermelding plaatsvindt van bovengenoemde verplichting.

In de tweede plaats maken wij er met betrekking tot dit lid bezwaar tegen dat de term “betoging” onvoldoende is geformuleerd. Wij vinden dat uitdrukkelijk moet worden vermeld dat een protestactie van één persoon geen demonstratie of betoging is, en alle in dit artikel vermelde regels dus niet van toepassing zijn op protestacties van één persoon.

par. 3 art. 2.1.3.1 lid 1:
Wij maken bezwaar tegen het feit dat niet gespecificeerd is hoe het “aanwijzen van wegen of gedeelten daarvan” door het College voor een verbod voor het verspreiden van geschreven stukken e.d. in zijn werk gaat. Het moet duidelijk zijn hoe deze “aanwijzing” plaatsvindt, waar deze bekend wordt gemaakt  en op welke termijn deze van kracht kan worden.
par. 3 art. 2.4.2 (“plakken en kladden”) lid 2b Wij maken er bezwaar tegen dat het gebruik van krijt voor het aanbrengen van tekens/letters en dergelijke op de weg of dat gedeelte van een
onroerende zaak dat vanaf de weg zichtbaar is, verboden is volgens de APV. Krijt is immers makkelijk afwasbaar, verdwijnt snel in de regen, is over het algemeen een onschuldig middel en wordt vaak door kinderen gebruikt in het kader van spelletjes en dergelijke, en zou dus uit deze lijst geschrapt moeten worden.

idem, lid 3:
Wij maken er bezwaar tegen dat dit lid onvolledig is: naar onze mening zou dit lid als volgt moeten worden uitgebreid: “Het is verboden op of aan de weg, tenzij daartoe bevoegd, aangeplakte stukken af te scheuren, onleesbaar te maken of te beschadigen, tenzij deze stukken een boodschap bevatten met een openlijk discriminerend, racistisch of beledigend
karakter.”

idem, lid 6
Wij merken op dat naleving van dit verbod nauwelijks plaatsvindt. Tevens zijn wij van mening dat er te weinig openbare aanplakborden zijn, wat illegaal plakken stimuleert. Dit is geen bezwaar, maar wel een dringende aanbeveling.

(veiligheidsrisicogebieden)
par. 3 art. 2.9.1
In dit artikel wordt vermeld dat de Burgemeester, ook bij “ernstige vrees voor het ontstaan” (van verstoring van de openbare orde) een gebied kan aanwijzen als veiligheidsrisicogebied. Wij maken bezwaar tegen het feit dat niet vermeld wordt dat deze vrees gebaseerd moet zijn op duidelijke, goed omschreven aanwijzingen dat de openbare orde verstoord kan en zal
worden. Op de huidige manier geformuleerd geeft dit artikel de Burgemeester te veel ruimte om een veiligheidsrisicogebied aan te wijzen. Wij maken overigens ook bezwaar tegen de mogelijkheid van preventief fouilleren, in alle situaties, met uitzondering van extreme gevallen, waarvoor dan altijd toestemming door de Gemeenteraad dient te worden verleend.

idem, art. 2.10.1
Wij maken bezwaar tegen de plaatsing van vaste camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats. Wij vinden dit in strijd met de privacy en elementaire burgerrechten. Wij maken bezwaar tegen elke vorm van cameratoezicht in de publieke ruimte, met uitzondering van extreme gevallen, waarvoor dan altijd toestemming door de Gemeenteraad dient te worden verleend.

Tot zover. Graag ontvangen wij een bevestiging van dit bezwaar en wij willen graag op de hoogte gehouden worden van het verdere verloop van de behandeling van deze APV.

Hoogachtend,

Het Eurodusnie collectief

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers liken dit: