Populisme

Populisten zijn er in Nederland altijd al geweest, maar vooral sinds de korte politieke carrière van Pim Fortuyn is dit type politicus stevig in opkomst. Voor de komende verkiezingscampagne staat al een hele reeks populisten in de startblokken, en het ziet er naar uit dat ze deze keer de campagne kunnen gaan overheersen.

Hans Dijkstal, die al een aardige reputatie heeft opgebouwd als nestbevuiler van de VVD, trok een paar dagen geleden van leer tegen de inmiddels opnieuw geïnstalleerde minister van Vreemdelingenzaken Rita Verdonk. Hij vergeleek haar populisme met dat van buitenlandse politici als Ross Perot, Filip Dewinter en Jean-Marie Le Pen, maar ook met dat van Pim Fortuyn. Veel medestanders van Verdonk, waaronder Mark Rutte, begonnen meteen te kermen en vonden de vergelijking schandalig. Ze hadden het niet begrepen: Dijkstal maakte geen inhoudelijke politieke vergelijking tussen Verdonk en de genoemde politici, maar zag een overeenkomst in hun populistische manier van politiek bedrijven. Zo verwees Dijkstal met name naar de manier van campagnevoeren van Verdonk tijdens de lijsttrekkersrace binnen de VVD, dit voorjaar.

De kritiek van Dijkstal heeft eigenlijk niet eens zoveel weerwoord ontvangen. Dit kan zijn omdat Dijkstal niet zo serieus meer genomen wordt; het kan ook zijn dat het populisme inmiddels aardig ingeburgerd begint te raken in de Nederlandse politiek, en dat daarom de stellingname van Dijkstal helemaal niet zo schokkend was.

Wie de wikipedia-pagina over ‘populisme’ raadpleegt komt geen sluitende definitie van de term tegen; wel de belangrijkste kenmerken:
1. afkeer van het partijestablishment;
2. het volk staat op een voetstuk en naar haar wil wordt constant gerefereerd;
3. charismatisch leiderschap;
4. er wordt een beroep gedaan op eenheid en vaderlandsliefde.

Wie de campagne van Verdonk gevolgd heeft, kan niet anders dan concluderen dat Verdonk op alle vier de punten stevig scoort. Verdonk benadrukte voortdurend de mening ‘buiten Den Haag’ veel belangrijker te vinden dan die van haar partijgenoten, en zette zich steeds af tegen ‘de overheid’ – alsof zij daar zelf niet bijhoort. Er moet geluisterd worden naar ‘de man in de straat’. Haar hele presentatie – denk terug aan de start van haar campagne tijdens de BouwRAI – was erop gericht haar persoon te profileren als een sterk en charismatisch partijaanvoerder. Ook op het laatste punt scoort Verdonk, onder meer met een uitspraak als “het is belangrijk dat we met z’n allen weer trots kunnen zijn op Nederland’.

Een populist in de politiek is iemand die kijkt naar wat de populaire meningen zijn, en stemt daar zijn of haar opvattingen op af. Doorgaans gaat het dan om kleinburgerlijke ressentiments-opvattingen over migranten (altijd te veel), belastingen en regels (altijd te veel), straffen (altijd te laag) en politie-inzet (altijd te weinig). Meningen die minder populair zijn, en waar de populist een hekel aan heeft, zijn ‘politiek correct’. Dit is het lievelingswoord van de Nederlandse populist. Jan Tromp beschrijft in de Volkskrant van afgelopen zaterdag de populistische methode als volgt: “populistische politici stimuleren de lage driften; de lage driften voeden het populisme van politici. Wie doorbreekt de cirkel?”

In Nederland voorlopig niemand. Integendeel, populisten verdringen zich om bij de komende verkiezingen zetels te gaan scoren. Rijzende ster in dit politieke genre is Marco Pastors. De man is zeer bedreven in wat het vijfde kenmerk van populisme genoemd kan worden , en wat ook genoteerd wordt door Jan Tromp: het tegelijk aanwakkeren van de angst van de natie en het chagrijn van de natie. De verbeten frustratie over alles wat er mis is in Nederland lijkt zich voortdurend uit alle poriën van het gezicht van deze klassieke kankerpit naar buiten te persen. En alles draait om het winnen van stemmen, hoe dan ook. In een interview met NRC Handelsblad tekenen we de volgende uitspraken van de Rotterdamse politcus op. Over integratie: “Het is een thema waar wij ons mee onderscheiden van de rest, waar we stemmen mee gaan trekken.” Over Verdonk: “Natuurlijk zou ik haar er graag bij hebben, ze is een enorme stemmentrekker.” En over de onvrede met de ‘oude politiek’ (lees: politiek correct): “Daar kunnen wij van profiteren.” Natuurlijk zijn alle politici op veel stemmen uit, maar de manier waarop Pastors dit als doel op zich benadert is werkelijk schaamteloos.

Of hij er in november ook in gaat slagen om veel stemmen te trekken is nog maar de vraag, want het is dringen op de rechts-populistische markt: naast Verdonk moet hij concurreren met Eerdmans (of mogelijk samenwerken), Wilders, Nawijn en niet te vergeten LPF-fractieleider Van As (recente uitspraak: “We gaan toch niet voor Pietje Paardelul het kabinet steunen”). Veel politici drijven mee in deze trend, uit overtuiging of uit noodzaak. Na het tijdperk Fortuyn dachten veel mensen dat de populistische wind wel zou gaan liggen. Niets is minder waar. Zoals de opgestapte Volkskrant-columnist Jan Blokker schreef in april: “We moeten ons geen illusies maken. Het Nederlandse populisme staat nog pas in de kinderschoenen”.

Eerder verschenen op de website van Eurodusnie

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers liken dit: