De opmars van de burgerbuddy

Alleen minister Pechtold wil er niet aan, maar voor de rest zijn politici er gek op: de burgerbuddy. Een burgerbuddy is een ‘gewoon iemand’ uit het volk, die een politicus of een hoge ambtenaar tips geeft hoe ze beter over kunnen komen bij het publiek. Ook legt de burgerbuddy aan een politicus uit waar de burger zich zorgen over maakt en wat deze allemaal belangrijk vindt. Zodat de politicus leert wat er leeft onder de mensen, en daarna de burger beter kan dienen.

Sommige mensen herinneren zich wellicht een tv-uitzending van zo’n vier jaar geleden, waarbij Minister Zalm een hoeveelheid groente moest afwegen in de supermarkt. Hij bleek geen flauw idee te hebben hoe dit in zijn werk ging, en uit alles werd duidelijk dat hij nooit in een supermarkt zijn inkopen doet. Dat was natuurlijk slecht voor zijn imago en dat van zijn partij, want van politici wordt tegenwoordig verwacht dat ze midden tussen ‘het volk’ staan. Even rampzalig zijn de incidentele enquetes onder kamerleden of ministers, waarbij ze moeten aangeven hoeveel een pak melk kost, of een half gesneden volkorenbrood. De paniekerige antwoorden variëren dan doorgaans van 50 cent tot 3 euro, waarmee politici bepaald geen goede beurt maken. Welnu, het burgerbuddy-project moet aan dit soort uitglijers aan eind maken.

De 28-jarige Elena Simons is de drijvende kracht achter het onder politici enorm populaire burgerbuddy project. Simons, die “plezier wil maken met de samenleving”, is auteur van het boekje “Pret met moslims” en oprichtster van de Stichting Wonder. Vanuit deze stichting worden leuke dingen ondernomen, gewoon, omdat dat leuk is. Vrijwilligers van Stichting Wonder stopten tijdens sinterklaastijd snoepjes in de schoenen van moskeegangers. Ook hebben ze een keer aan de straat gevonden gebruiksvoorwerpen van een prijskaartje voorzien, en in de Bijenkorf gezet. Best leuk. En het nieuwste initiatief van Stichting Wonder is dus de burgerbuddy, een project dat gefinancierd wordt door het Forum voor Democratische Ontwikkeling.

In principe kan iedereen een burgerbuddy worden. Alleen politici en ambtenaren zijn uitgesloten. Als je je aanmeldt als burgerbuddy op de website die hiervoor is opgericht, kom je in een bestand terecht. Een politicus die op zoek is naar een burgerbuddy, krijgt van de stichting drie mogelijke ‘matches’ aangeboden, op basis van de antwoorden die de potentiële buddy op een vragenformulier heeft ingevuld. Er volgt dan een ontmoeting, en als het klikt, dan kan het buddywerk beginnen. Dit kan van alles zijn: een partijtje badmintonnen, samen uit eten gaan, een strandwandeling maken, etcetera.

De bekendste burgerbuddy is Elena Simons zelf, zij is de buddy van staatssecretaris Van Geel. Een andere bekende burgerbuddy is Lotfi Haddi, hij is de buddy van Minister Verdonk. Bij NOVA vertelde hij twee weken geleden dat hij graag de spreekwoordelijke kloof tussen de burger en de politiek wil overbruggen. Harry van Bommel, SP-kamerlid, heeft fotografe Merel Maissan als burgerbuddy: “ik zie mezelf meer als een soort coach, die hem af en toe tips geeft”. Tientallen minder bekende raadsleden en ambtenaren hebben tegenwoordig ook buddy’s.

Het fenomeen burgerbuddy kan niet losgezien worden van de Fortuyn-revolte van enkele jaren geleden. Fortuyn beriep zich er altijd op dat hij, in tegenstelling tot de Haagse kaasstolp-politici, wist wat de burger werkelijk wilde, en wat er moest gebeuren om de burger weer een stem te geven in de ‘wereldvreemde’ Haagse politiek. Het probleem is dat ‘de burger’ helemaal niet bestaat. Er bestaat ook helemaal geen beleid waarmee ‘de burger’ een stem krijgt, en politici die zich hierop beroepen moeten te allen tijde gewantrouwd worden. Kamerleden, ministers en raadsleden hebben daarom helemaal niets aan de wijze raad van de eerste de beste boerenlul m/v die zich aandient als ‘burgerbuddy’, die hen wel eens zal leren hoe ‘de burger’ denkt en leeft. Om dezelfde reden heeft het geen enkel nut om ‘de man in de straat’ op TV zijn of haar mening te laten geven over de oorlog in Irak, het financieringstekort of de uitbreiding van de Europese Unie. ‘De man in de straat’ is net als ‘de burger’ een fantoom, en vertegenwoordigt niemand. De bevolking bestaat uit allerlei soorten mensen die allemaal verschillende opvattingen, belangen en voorkeuren hebben. Dat is vervelend voor politici, maar met dat gegeven zullen ze moeten zien te werken.

Eerder verschenen op de website van Eurodusnie

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers liken dit: